Dirk Decoster (Agristo)

Als producent van voorgebakken en diepgevroren aardappelspecialiteiten is het West-Vlaamse familiebedrijf Agristo NV, opgericht in 1985, in minder dan 30 jaar uitgegroeid tot een wereldspeler met een vierhonderdtal medewerkers, verdeeld over vestigingen in Harelbeke, Nazareth en Tilburg. In 2007 vonden de oprichters, Antoon Wallays en Luc Raes, dat het tijd werd om de generatiewissel voor te bereiden. Er werd een adviesraad opgericht en Dirk Decoster werd aangetrokken als CEO. Decoster had er op dat moment al een decennialange carrière in de groenteverwerking op zitten én een driejarig voorzitterschap bij Fevia (2009-2012), de Belgische federatie van de voedingsindustrie.

Wat maakt een familiebedrijf bijzonder? "Met twee aandeelhouders uit verschillende families die de fakkel doorgeven aan hun kinderen, kan gerust gesteld worden dat Agristo een familiebedrijf is met een specifieke context", vertelt Decoster. "In België telt de voedingssector heel wat familiebedrijven. Een generatiewissel in een familiebedrijf doe je niet zomaar even", geeft hij aan. "Het vraagt een goede voorbereiding en het is aan te raden gedurende enkele jaren toe te werken naar de effectieve operationele overdracht. Het is daarbij belangrijk externen te betrekken, bijvoorbeeld onder de vorm van een adviesraad. Het komt er eveneens op aan de juiste tussenpersoon te vinden die de overdracht tussen de twee generaties begeleidt. Dit is bij voorkeur iemand die al een lange carrière achter de rug heeft en bijgevolg ook niets te verliezen heeft." "Vaak is het voor de eerste generatie emotioneel te moeilijk om te bepalen wie van de kinderen welke functie dient op te nemen in het bedrijf. Daarom kunnen assessments aangeven waar de sterke punten van de kinderen liggen en kan van hieruit stelselmatig toegewerkt worden naar de invulling van een rol in de organisatie. Vervolgens dienen de oprichters afstand te kunnen nemen van het operationele doch moeten zij onrechtstreeks betrokken blijven. Zo verloopt het loslaten van de controle van de organisatie door de eerste generatie geleidelijk aan."

Jullie willen graag groeien. Waar liggen de grootste kansen? Sinds de oprichting in 1985 heeft Agristo een enorme groei gekend en dit zeker in het kader van de groei in overzeese gebieden zoals Azië, India, etc. Het is daar, buiten Europa, dat Agristo een geweldig potentieel heeft. "Europa is voor ons een mature markt, daar waar bijvoorbeeld de Aziatische markt nog een enorm groeipotentieel biedt", zegt Decoster. "Omwille van de rijstcultuur is er in deze landen minder productie van aardappelproducten. Gelet op het feit dat de wereld in 2050 ongeveer 9 miljard mensen zal tellen, is het duidelijk dat er onvoldoende water zal zijn om de mensen in Aziatische landen enkel met rijst te voeden. In deze landen verwachten wij dus een verandering in het voedingspatroon waarin de aardappel en afgeleideproducten een stevige plaats kunnen verwerven." De ambitie van Agristo voor de komende jaren is heel duidelijk: de groei doorzetten. Dit wil men doen door een verdere professionalisering. Dit betekent in belangrijke mate verder investeren in innovatie/R&D en kwaliteit/service. "Vooral productontwikkeling wordt steeds belangrijker", meent Decoster. "Vroeger kwamen A-merken met nieuwe producten. Nu zien we dat van private labels verwacht wordt dat zij zelf komen met nieuwe producten en meedenken met hun klanten. Zo werkt Agristo ondermeer samen met chef-koks. Soms moet men, in het kader van de klantgerichtheid, bereid zijn lichtjes in te boeten op de rendabiliteit van het productieproces, zolang men hiervoor een innovatief product in de plaats kan geven."

Hoe kijkt u aan tegen het imago van de Belgische voedingsindustrie? Wat het imago van de Belgische voedingssector betreft, is de perceptie van het grote publiek volgens Decoster nog steeds negatief: "60% van de Waalse bevolking vertrouwt de voeding in ons land niet 100%. De media maken dan ook vaak van een mug een olifant, denk maar aan de dioxinecrisis en de rel rond het paardenvlees. Uiteraard dienen zaken streng gecontroleerd te worden en is de gezondheid van de consument uiterst belangrijk, maar de invalshoek van de media is vaak te negatief. Grote statements vanuit politieke of journalistieke hoek zijn niet nodig", aldus Decoster. Voor Agristo heeft dergelijk sectorimago ook een impact op de instroom van nieuwe medewerkers. Daarom werd het "Huis van de voeding" opgericht in Roeselare. Aan de hand van bedrijfsbezoeken en openheid over productieprocessen wil men met dit initiatief studenten overtuigen dat de voedingssector een propere, professionele, innovatieve en kennisintensieve sector is die ruimte biedt voor interessante jobs en mooie loopbaanpaden. De toenemende aandacht voor de gezondheid van de consumenten zorgt ervoor dat Agristo producten zal creëren met nog minder vetopname. Zo produceert het bedrijf nu al frieten en aardappelproducten die in de oven opgewarmd kunnen worden in plaats van in een frituurpan.

In Nederland zijn de machtsverhoudingen in de keten een belangrijk thema. Hoe is dat in België? "De macht van de retail verhoogt de druk op de ganse keten", vertelt Dirk Decoster. "In het geval van Agristo mag de impact hiervan op de aankoopzijde echter niet overdreven worden. Wij hangen veel meer af van de tarweprijs en de grondbeschikbaaheid." Het zelf pachten van gronden is voor Agristo geen optie. "Wij laten de specialiteit van het telen liever bij de boeren", geeft Decoster aan. "Ik maak mij meer zorgen over andere zaken dan de macht van de retail", zegt Decoster. De ontwikkeling van de energieprijzen bijvoorbeeld en uiteraard ook de hoge loonkosten in België. En niet te vergeten de tijd die in België over het krijgen van een bouwvergunning heen gaat. Voor een bedrijf dat in België haar capaciteit wenst uit te breiden duurt dit proces wel erg lang. "Toch blijft de toekomst van Agristo er zeer rooskleurig uitzien. Binnen drie jaar ziet Decoster het bedrijf nog steeds gestaag groeien zonder dat het familiale karakter verdwijnt.